1. 28/06/2019

    Liever koel dan cool op de weide

    Een mens zou denken dat er rustigere plekken bestaan dan de wei van een rockfestival, waar 97 muziekacts staan en een dikke 88.000 bezoekers per dag verwacht worden. Maar op de eerste festivaldag is het hier de hele namiddag vooral ‘gezellig chill’. De ervaren festivalganger bereidt zich voor op vier slopende dagen zoals een atleet die een topprestatie moet leveren. Krachten sparen, rustig opwarmen, en ‘gewoon lekker chillen’.

    Blijkbaar onmisbaar dit jaar: een met lucht gevulde zitzak in fluo kleuren – een ‘Lamzac’ of ‘Seatsac’ al naargelang het merk. Het levert prachtig modern ballet op, wanneer mensen met die grote lap plastic zeil zwaaien en rondjes draaien in een poging hun worst vol lucht te krijgen. Laat Zwangere Guy en Black Box Revelation maar kunstjes vertonen op de zijpodia. Op de wei wordt er bij daglicht meer gelounged dan gerockt. 

    © Francis Vanhee
  2. 28/06/2019

    Jeuk, pijn, bultjes: deze rups kwelt Rock Werchter

    Rock Werchter begon met een valse noot toen een deel van het festivalterrein werd ontruimd omdat in een aantal bomen processierupsen werden aangetroffen. Die harige beestjes zijn een garantie op jeuk. Drie ploegen van de brandweer kwamen de rupsen verbranden. 

    Het rupsenprobleem op Rock Werchter situeerde zich bij de bomen bij het podium The Barn. Met een hoogtewerker gingen brandweermannen de rupsennesten te lijf met een brander.

    Terwijl zitten verdelgers in Antwerpen en Limburg met de handen in het haar, want de rupseninvasie is zo groot dat niet aan alle oproepen gevolg kan worden gegeven. “Ik vind dit toch hoogst eigenaardig”, zegt Wim Veraghtert van Natuurpunt. “De overlast met processierupsen is al twee weken nieuws en bij de start van Rock Werchter wordt plots ontdekt dat er nesten zitten in bomen op het festivalterrein. Zelfs wanneer de beestjes zijn verdelgd en het terrein weer wordt opengesteld, is de kans op jeuk in die omgeving 100 procent."

    © BELGA
  3. 28/06/2019

    P!NK: vier uitroeptekens te weinig ★★★★☆

    Dat ene en enige uitroepteken in de naam van P!nk is een vergissing. Dat zouden er minstens vier moeten zijn.

    Dat charisma, dat plezier, die performance, die songs, die stem, die choreografie en dat lef om na een show van anderhalf uur salto’s te doen op tien meter hoogte: je moet verdorie je best doen om een popact te vinden die completer, spannender en beter is dan wat Alecia Beth Moore uit Doylestown, Penssyvlania in Werchter op de mat bracht.

    Het fijne is dat P!nk geen Bastille, Mumford & Sons of Editors is. Ze staat om te beginnen niet elke zomer op Vlaamse bodem, maar het verschil zat ‘m vooral in de klasse, de originaliteit, de schwung en de passie waarmee ze Rock Werchter in haar achterzak stak. “I'm still a rock star / I got my rock move, and I don't need you / And guess what, I'm having more fun”, zong P!nk tijdens ‘So What’, terwijl ze op tien meter hoogte boven het publiek bengelde. Tussendoor pompte ze op een vangrail en deelde ze een high five uit. Omdat het kan.

    Lees hier de volledige recensie

    © Stefaan Temmerman
  4. 28/06/2019

    Elbow: bruggenbouwend concert van een groep underdogs

    'Sorry for the Brexit bullshit,’ zei Guy Garvey, en een uur later liet hij ons ‘I’ll be a European ‘till I die’ scanderen. En ergens halfweg zei hij langs z’n neus weg ‘This is a song about love…well, they’re all about love, really.’ Dat waren de parameters: hoe het niét moet (de politiek, het schisma, een wig drijven tussen mensen) en hoe het wél moet (de liefde, de commune, de verbroedering).

    ‘Fly boy blue/Lunette’, ‘The bones of you’, ‘Magnificent (she says)’, ‘Kindling’, ‘Open arms’, ‘Grounds for divorce’… Het zijn stuk voor stuk songs met een rare structuur die eigenlijk niet zou mogen werken, maar ze doet het wel. Een song van Elbow is eigenzinnig, onvoorspelbaar, vaak lijkt hij drie tot vijf aan elkaar geplakte onderdelen van andere songs.

    © Koen Keppens — Elbow_RW19_Koen Keppens

    ‘This is a song about arguing,’ kondigde Garvey monkelend aan, voor ‘Little fictions’ inzette, en hij liet het publiek genoeg ruimte om hem tegen te spreken: ‘No it isn’t.’ ‘Yes it is.’ Enzovoort – er is een sketch van Monty Python die in Engeland iedereen kent. En ‘The Birds’ kondigde hij aan als ‘a song about getting old and being forgotten.’

    ‘Lippy kids’ was naar mijn gevoel het mooiste moment van de set, met die gekke, kinderlijke aanmaning ‘Build a rocket, boys!’, ettelijke keren meegebruld door zowat iedereen in The Barn. En dat dit nu onze song was, omdat enkel de Belgen die ‘zonder het ons te vragen’ op single hadden uitgebracht: ‘You Belgians have the best taste in the world.’

    © Koen Keppens — Elbow_RW19_Koen Keppens

    ‘Drinking in the morning sun…’ Natuurlijk werd ook ‘One day like this’ zoals altijd integraal meegezongen. ‘One day like this a year will see me right’ – het had het motto voor dit concert kunnen zijn.

    Zoals steeds wist Garvey met charme, charisma en een arsenaal aan massamennende trucs The Barn mee te krijgen, maar ik vond het wat teveel van het goede. Ook al is Garvey nog zo sympathiek, als hij bij letterlijk élke song aanmaant om te klappen, te wuiven, te zingen of te fluiten, en letterlijk vijftig keer ‘beautiful’ in alle toonaarden zegt en het ons doet herhalen, dan komt er een punt van verzadiging.

    Al bij al toch een mooi, warm, bruggenbouwend concert van een groep underdogs die met grillige, uitgesponnen songs en een mollige frontman toch langzaam (het heeft 25 jaar geduurd) maar zeker een plek tussen de hele groten heeft afgedwongen, met muziek die is wat de Amerikanen wholesome noemen – gezond, positief, verheffend. Dat dat kan, baart hoop.

  5. 28/06/2019

    Bastille: De truc met de trommel, deel 257 ★★★☆☆

    Er kan sinds 2013 geen al te groot tuinfeest meer georganiseerd worden in Vlaanderen of Bastille komt ook. Zo kwam het dat we donderdag al bij al vrij gelaten postvatten voor het hoofdpodium van Werchter, want Bastille kwam toch, wat je er ook van vond, en naar alle waarschijnlijkheid zullen ze nog terugkomen ook. Het was nog licht toen Dan Smith aantrad, en het moet gezegd: het paste hem beter dan het donker, wanneer elke noot en elke frase twee keer zoveel waard wordt.

    Op zijn nieuwe plaat, Doom Days, heeft Bastille een killer, elektronischer bestaansreden gezocht. Op het podium viel die koerswijziging vaak op: tussen de bombast van het oudere werk merkte je dat er tijdens ‘Those Nights’ bijvoorbeeld weinig te beleven viel, ook al had Smith dan bij wijze van gimmick plaatsgenomen op een pirouettes draaiende canapé. 

    Andere podiumattributen riepen nog meer vragen op: een klok wees voortdurend vijf voor twaalf aan - of vijf voor halfzes, het ding draaide ook al voortdurend rond - maar wat er zou gebeuren om twaalf uur, dat kwam je niet te weten. Ook gezien: een ladder die nergens heenging, maar die in geval van nood nog altijd gebruikt kon worden om de podiumverlichting te vervangen. Bastille is, en blijft: geen vragen stellen, want dat is het beste voor iedereen.

    Lees hier de review van Bastille

    © Koen Keppens